Maandelijkse administratieroutine (persoonlijke rekening)

Iedere maand maak ik de balans op van de transacties van en naar mijn betaalrekening. Dit zorgt ervoor dat ik me bewust ben en blijf van mijn uitgaven en inkomsten. Als naslagwerk voor mezelf en wellicht als referentie voor anderen hieronder mijn methode.

Een periode loopt bij mij vanaf payday tot en met de dag van de volgende payday. In de meeste gevallen is dit dus van de 25e tot en met de 24e van de maand daarop. Een periode krijgt de naam jaar-maand van de volgende maand. De periode van 25 maart tot en met 24 april 2019 heet dus 2019-04. De tabel met transacties heeft het volgende formaat (headers):

De velden datum tot en met mededelingen komen uit de csv-export van ING. Het veld Periodenaam en de flags (met een underscore) voeg ik zelf toe. De velden Categorie en Subcategorie zijn natuurlijk de belangrijkste velden in dit verhaal. Hoe deel ik de regels in?

Er zijn zeven hoofdgroepen: Wonen, Auto, Verzekeringen, Verzorging en Leven, Financieel, Abonnementen en Overig. Deze hoofdgroepen bestaan elk uit subgroepen, zoals Wonen / Hypotheek en Verzorging en Leven / Kapper. Een post/lijn wordt het liefst zo vroeg mogelijk ingedeeld. Een concreet voorbeeld hiervan zijn meubels: deze zou je onder Overig kunnen schatten maar zij passen eerder in Wonen. Hieronder een wat gedetailleerder idee van hoe de indeling werkt.

  1. Wonen: alle kosten die geassocieerd worden met de eigen woning die er zonder die woning niet zouden zijn. Voorbeelden daarvan zijn hypotheek/huur, gas/water/licht, vaste telefonie/tv/internet, woonverzekering, gemeentelijke heffingen, klusspullen, en meubels/accessoires/planten.
  2. Auto: alle kosten die geassocieerd worden met de auto. Denk aan leasebedrag of mrb, verzekering en onderhoud, en brandstofkosten. Vergeet ook zeker niet bezoekjes aan de wasstraat of een jerrycan ruitensproeiervloeistof.
  3. Verzekeringen: verzekeringen die niet direct met de auto of de woning samenhangen. In mijn geval: zorg + eigen risico, WA, levensverzekering en uitvaardverzekering.
  4. Verzorging en Leven: kosten voor uiterlijke verzorging en zelfzorg, recreatie en eten. Denk bijvoorbeeld aan bril en kapper, maar ook aan -- een grote post! -- boodschappen, recreatie en buitenshuis eten. Bij die laatste hoort take-away of Thuisbezorgd ook.
  5. Financieel: kosten die ik maak om gebruik te maken van financiele diensten, of kosten t.b.v. schulden (Tikkies, studiefinanciering) of sparen. Hier valt de hypotheek bijvoorbeeld niet onder: deze staat al eerder ingedeeld onder Wonen. Deze categorie bevat dus ook mijn salaris en is vaak de grootste positieve groep in een periode.
  6. Abonnementen: alle terugkerende kosten voor diensten die zonder meer opgezegd kunnen worden. Voorbeelden hiervan zijn mobiele telefonie, media/streaming, VPS en clouddiensten. Ook de contributie van het zangkoor waarbij ik zing, valt in deze categorie.
  7. Overig: alle kosten die in wezen niet onder de andere, eerdere hoofdgroepen vallen. Denk aan kleding en schoenen, elektronica, tijdschriften en boeken, en cadeaus.
Posten die bij meerdere groepen kunnen horen, zoals het bootje dat ik voor Ryans verjaardag huurde, splits ik over deze twee hoofdgroepen: Verzorging en Leven / Recreatie en Overig / Cadeaus. Gaan we bijvoorbeeld een dagje naar Zeeland, dan probeer ik de tank benzine naar rato te verdelen over Auto / Brandstof en Verzorging en Leven / Recreatie.

De flags (herkenbaar aan de underscore) geven het volgende aan:

Hier een link naar de indeling zoals ik die nu gebruik.